Pagina 600 van de Mushaf bevat 21 verzen. Ze behoort tot Djoez 30, Hizb 60.
Bijgewerkt op 10 juli 2026 om 03h41
coran.read_full_page : Pagina 600 van de Koran lezen →
وَحُصِّلَ مَا فِى ٱلصُّدُورِ ﴿١٠﴾
En dat hetgene zich in de borst der menschen bevindt, aan het licht gebracht zal worden,
إِنَّ رَبَّهُم بِهِمْ يَوْمَئِذٍۢ لَّخَبِيرٌۢ ﴿١١﴾
En dat hun Heer volkomen onderricht omtrent hem zal zijn?
ٱلْقَارِعَةُ ﴿١﴾
De slag.
مَا ٱلْقَارِعَةُ ﴿٢﴾
Wat is de slag?
وَمَآ أَدْرَىٰكَ مَا ٱلْقَارِعَةُ ﴿٣﴾
En wat zal u doen begrijpen, hoe vreeselijk de slag zal wezen?
يَوْمَ يَكُونُ ٱلنَّاسُ كَٱلْفَرَاشِ ٱلْمَبْثُوثِ ﴿٤﴾
Op dien dag zullen de menschen als kapellen verspreid zijn,
وَتَكُونُ ٱلْجِبَالُ كَٱلْعِهْنِ ٱلْمَنفُوشِ ﴿٥﴾
En de bergen zullen als gekamde wol van verschillende kleuren worden, die door den wind is voortgedreven;
فَأَمَّا مَن ثَقُلَتْ مَوَٰزِينُهُۥ ﴿٦﴾
Maar hij, wiens weegschaal met goede werken zal bezwaard wezen,
فَهُوَ فِى عِيشَةٍۢ رَّاضِيَةٍۢ ﴿٧﴾
Zal een behagelijk leven leiden.
وَأَمَّا مَنْ خَفَّتْ مَوَٰزِينُهُۥ ﴿٨﴾
Doch hij wiens weegschaal licht zal zijn,
فَأُمُّهُۥ هَاوِيَةٌۭ ﴿٩﴾
Diens woning zal de kuil der hel wezen.
وَمَآ أَدْرَىٰكَ مَا هِيَهْ ﴿١٠﴾
Wat zal u doen begrijpen, hoe vreeselijk de kuil der hel is?
نَارٌ حَامِيَةٌۢ ﴿١١﴾
Het is een brandend vuur.
أَلْهَىٰكُمُ ٱلتَّكَاثُرُ ﴿١﴾
De naijverige begeerte, rijkdommen en kinderen te vermeerderen, houdt u bezig
حَتَّىٰ زُرْتُمُ ٱلْمَقَابِرَ ﴿٢﴾
Tot gij in het graf nederdaalt.
كَلَّا سَوْفَ تَعْلَمُونَ ﴿٣﴾
(Gij zult uwen tijd) volstrekt niet (aldus gebruiken); Hiernamaals zult gij uwe dwaasheid kennen.
ثُمَّ كَلَّا سَوْفَ تَعْلَمُونَ ﴿٤﴾
Nogmaals, volstrekt niet: hiernamaals zult gij uwe dwaasheid kennen.
كَلَّا لَوْ تَعْلَمُونَ عِلْمَ ٱلْيَقِينِ ﴿٥﴾
Volstrekt niet. Indien gij het gevolg hiervan met zekerheid kendet, zoudt gij niet aldus handelen.
لَتَرَوُنَّ ٱلْجَحِيمَ ﴿٦﴾
Waarlijk, gij zult de hel zien.
ثُمَّ لَتَرَوُنَّهَا عَيْنَ ٱلْيَقِينِ ﴿٧﴾
Nogmaals; gij zult die zekerlijk met het oog der zekerheid zien.
ثُمَّ لَتُسْـَٔلُنَّ يَوْمَئِذٍ عَنِ ٱلنَّعِيمِ ﴿٨﴾
Dan zult gij op dien dag ondervraagd worden, nopens de uitspanningen waarmede gij u in dit leven hebt vermaakt.