Ruku 553 komt uit soera Al-Masad (verzen 1 tot 5). Hij bevat 5 verzen en behoort tot Djoez 30.
Bijgewerkt op 10 juli 2026 om 03h41
coran.read_full_page : Ruku 553 van de Koran lezen →
تَبَّتْ يَدَآ أَبِى لَهَبٍۢ وَتَبَّ ﴿١﴾
De handen van Aboe Lahab zullen ten verderve gaan, en hij zelf verdorven worden.
مَآ أَغْنَىٰ عَنْهُ مَالُهُۥ وَمَا كَسَبَ ﴿٢﴾
Zijne rijkdommen zullen hem van geen voordeel zijn, noch datgene wat hij heeft gewonnen.
سَيَصْلَىٰ نَارًۭا ذَاتَ لَهَبٍۢ ﴿٣﴾
Hij zal heengaan om in het vuur verbrand te worden.
وَٱمْرَأَتُهُۥ حَمَّالَةَ ٱلْحَطَبِ ﴿٤﴾
Als ook zijne vrouw, die hout draagt.
فِى جِيدِهَا حَبْلٌۭ مِّن مَّسَدٍۭ ﴿٥﴾
Terwijl zij om haren hals eene koord van geweven vezelen van den palmboom heeft.